Textiel
Textiel
De Ecodesign-verordening (ESPR) is bedoeld voor diverse productcategorieën, waarbij de EU een aantal sectoren prioriteert. Op deze pagina leest u wat de Ecodesign-verordening betekent voor textiel.
Ecodesign-verordening (ESPR) en textiel
De textielsector heeft een grote milieu-impact, die door het stellen van ontwerpvereisten kan worden verlaagd. Textiel is door de EU daarom aangemerkt als prioritaire sector. De nadruk ligt op verbetering van productkwaliteit, maar ook op de vermindering van de CO₂-uitstoot.
Prestatie- en informatievereisten voor textiel moeten ervoor zorgen dat kleding langer meegaat en hergebruikt kan worden. Ook komen er vereisten die repareerbaarheid en recyclebaarheid mogelijk maken. Dit betekent dat producenten al bij het ontwerp van producten rekening moeten houden met deze vereisten.
Proces totstandkoming Ecodesign-vereisten

Hierboven ziet u hoe Ecodesign-vereisten voor textiel tot stand komen.
Bekijk de uitgeschreven versie van deze infographic via dit uitklapvenster.
Infographic met de titel 'Proces totstandkoming Ecodesign-vereisten'. Het schema toont een stapsgewijs proces voor het ontwikkelen van Ecodesign-vereisten voor textiel. Van links naar rechts: Vanuit de Ecodesign-verordening (ESPR) en Ecodesign-werkplan 2025–2030 volgt een traject van 3 tot 5 jaar per productgroep met (1) voorbereidende studie en impactanalyse (1,5–2 jaar), (2) consultatie via het Ecodesign Forum en (3) vaststelling van Ecodesign-vereisten door de EU. Gedurende het hele traject wordt input van belanghebbenden verzameld en vindt een publieke consultatie plaats. Vervolgens geldt een implementatieperiode van minimaal 18 maanden, waarna de Ecodesign-vereisten in werking treden. Onderaan staat: “Hierboven ziet u hoe Ecodesign-vereisten voor textiel tot stand komen.”
Proces textiel
December 2025: oplevering van de 3e mijlpaal in het werkdocument van de voorbereidende studie door onderzoeksbureau Joint Research Centre (JRC). In februari 2024 en december 2024 zijn respectievelijk de 1e en de 2e mijlpaal hiervan opgeleverd.
Impactanalyse
Consultatie Ecodesign Forum
Vaststelling Ecodesign-vereisten door EU
Implementatieperiode
Inwerkingtreding
Vernietigingsverbod
Grote (textiel)bedrijven mogen per 19 juli 2026 geen onverkochte kleding(accessoires) en schoenen meer vernietigen. De EU breidt deze maatregel in de toekomst mogelijk ook uit naar andere productgroepen.
Lees meer over het vernietigingsverbod.
Uitzonderingen op het verbod vernietiging onverkochte voorraden
Het verbod vernietiging onverkochte voorraden moet voorkomen dat ongedragen, onverkochte kleding, accessoires en schoenen worden vernietigd. Deze regels vallen onder de ESPR. De gedelegeerde handeling over de uitzonderingen op het verbod op de vernietiging van onverkochte goederen onder ESPR is op 9 februari 2026 door de Europese Commissie aangenomen.
Wat betekent dit concreet?
- Het verbod op de vernietiging van onverkochte kleding, kledingaccessoires en schoeisel, inclusief de bijbehorende uitzonderingen, geldt voor grote ondernemingen vanaf 19 juli 2026.
- Middelgrote ondernemingen worden geacht hier vanaf 2030 aan te voldoen.
- Micro- en kleine ondernemingen zijn vrijgesteld.
- De gedelegeerde handeling over de uitzonderingen op het verbod, beschrijft specifieke en gerechtvaardigde situaties waar vernietiging van onverkochte voorraden is toegestaan, bijvoorbeeld om veiligheidsredenen of bij productschade.
Welke processtappen zijn gezet om te komen tot deze wetgeving?
- 2019-2020 – EU Green Deal (de basis voor duurzaam productbeleid).
- 30 maart 2022 – publicatie ESPR-voorstel door Europese Commissie.
- 2022-2024 – onderhandelingen Parlement en Raad: vernietigingsverbod wordt onderdeel van ESPR-kader.
- 18 juli 2024 – Formele inwerkingtreding van de ESPR.
- 2025 - Ecodesign Forum, publieke consultaties en Member States Expert Group (overleggen en inspraakmomenten ter voorbereiding van de gedelegeerde handeling)
- 9 februari 2026 – Adoptie van de regels, die specifiek de uitzonderingen op het vernietigingsverbod invoeren.
- 2026-2030 – Gefaseerde implementatie van het verbod voor ondernemingen.
Rapportageverplichting
Grote bedrijven met meer dan 250 werknemers en meer dan 50 miljoen euro omzet moeten over het financiële jaar rapporteren over onverkochte voorraden die zij vernietigen. Deze verplichting geldt vanaf 19 juli 2030 ook voor middelgrote bedrijven. Voor kleine bedrijven geldt een vrijstelling.
Lees meer over de rapportageverplichting.
Rapportage afgedankte onverkochte consumptiegoederen
De uitvoeringshandeling over het rapportageformat voor afgedankte consumptiegoederen is 9 februari 2026 aangenomen. Deze verplichting heeft als doel om transparant te rapporteren en moet voorkomen dat ongedragen, onverkochte kleding, accessoires en schoenen worden vernietigd. Deze regels vallen onder de ESPR.
Wat betekent dit concreet?
- De rapportageverplichtingen voor onverkochte voorraden onder de ESPR zijn sinds juli 2025 van toepassing op grote ondernemingen.
- De rapportageverplichting geldt voor alle afgedankte onverkochte consumptiegoederen, dus niet alleen voor kleding, kledingaccessoires en schoeisel.
- De uitvoeringshandeling bevat een format voor het rapporteren van de hoeveelheden onverkochte goederen die worden afgedankt.
- Het gebruik van het gestandaardiseerde rapportageformat is verplicht vanaf februari 2027.
- Vanaf 2030 gelden de verplichtingen ook voor middelgrote ondernemingen.
- Micro- en kleine ondernemingen zijn vrijgesteld van de rapportageverplichting.
Welke processtappen zijn gezet om te komen tot deze wetgeving?
- 2019-2020 – EU Green Deal (de basis voor duurzaam productbeleid).
- 30 maart 2022 – publicatie ESPR-voorstel door Europese Commissie.
- 2022-2024 – onderhandelingen Parlement en Raad: rapportageverplichting wordt onderdeel van ESPR-kader.
- 18 juli 2024 – Formele inwerkingtreding van de ESPR.
- 2025 – Ecodesign Forum, publieke consultaties en Regulatory Committees (overleggen en inspraakmomenten ter voorbereiding van deze uitvoeringshandeling)
- 9 februari 2026 – Adoptie van de rapportageverplichting onder ESPR.
- 2026-2030 – Gefaseerde implementatie van de verplichtingen.
Digitaal Product Paspoort (DPP)
Naast informatie over de samenstelling en herkomst van een product biedt het Digitaal Product Paspoort ook inzicht in hoe een product kan worden gebruikt, hergebruikt en gerecycled. Het paspoort wordt stapsgewijs geïmplementeerd in de verschillende productgroepen.
Op de hoogte blijven?

Tijdens informatiesessies bespreken we de Ecodesign-ontwikkelingen voor textiel. Wilt u op de hoogte blijven? Schrijf u dan in.